Met de voix passive verleg je de nadruk in een zin. In het Nederlands kun je dat ook doen: met de lijdende vorm. Maar hoe werkt dat in het Frans?
De voix passive gebruik je om de nadruk te leggen op het onderwerp dat een handeling ondergaat. Dat is anders dan in de actieve vorm, waarbij de nadruk ligt op degene die de actie uitvoert. Het lijdend voorwerp uit de actieve zin wordt het onderwerp van de passieve zin. Daarom heet deze vorm in het Nederlands de lijdende vorm.
Hoe vorm je de voix passive?
In het Frans gebruik je het werkwoord être om de voix passive te vormen. Dit zet je in dezelfde tijd als het hoofdwerkwoord in de actieve zin. Daarna voeg je het voltooid deelwoord toe, dat je aanpast in geslacht en getal aan het onderwerp.
Actieve zin:
Le professeur corrige les devoirs.
(De leraar corrigeert het huiswerk.)
Passieve zin:
Les devoirs sont corrigés par le professeur.
(Het huiswerk wordt gecorrigeerd door de leraar.)
Complément d’agent
De uitvoerder van de handeling in de passieve zin noem je het complément d’agent. Meestal wordt dit ingeleid door het voorzetsel par (door), maar bij sommige werkwoorden gebruik je de.
Voorbeelden:
- Ce livre a été écrit par Victor Hugo.
(Dit boek is geschreven door Victor Hugo.)
> ‘Victor Hugo’ is het complément d’agent.
- La maison est entourée d’
(Het huis is omringd door bomen.)
> ’d’arbres’ is het complément d’agent.
Verbes pronominaux
Wederkerende werkwoorden (verbes pronominaux) kunnen soms een passieve betekenis hebben. De actie lijkt ‘vanzelf’ te gebeuren, zonder expliciete uitvoerder.
Voorbeeld:
- Ces appartements se sont loués en quelques jours.
(Deze appartementen werden binnen enkele dagen verhuurd.)
De nadruk ligt hier op het resultaat, zonder dat de uitvoerder wordt genoemd.
Let op: Dit gebruik lijkt op de voix passive, maar in tegenstelling tot de klassieke passieve vorm wordt hier geen complément d’agent gebruikt.
Uitzonderingen: werkwoorden met être
Sommige werkwoorden gebruiken être in de passé composé (zoals arriver of tomber). Deze werkwoorden komen niet voor in de voix passive, omdat ze geen lijdend voorwerp hebben. Ze beschrijven een gebeurtenis of beweging die het onderwerp zelf ondergaat.
Voorbeelden:
- Elle est arrivée hier. (Zij is gisteren aangekomen.)
- Il est tombé dans les escaliers. (Hij is van de trap gevallen.)
Let op: Deze werkwoorden hebben geen complément d’agent, omdat er geen externe actor is die de handeling uitvoert.




