Zoveel lekkers, zoveel woorden

Loopt alleen al bij de gedachte aan een patisserie het water je in de mond? Dan is het belangrijk te weten wat je precies bestelt.

Hieronder vind je 8 van de meest bekende gebakjes en taarten in Frankrijk.

Les chouquettes.
Dit is een typisch Parijs gebakje die maar liefst 5 eeuwen geleden voor het eerst werd gemaakt. Twee eeuwen later werd het recept verbeterd en sindsdien zijn ze er niet meer aan gekomen. De choquettes zijn soesjes, bestrooid met suikerparels. Ze worden ook wel ‘pets de nonne’ genoemd als ze in olie zijn gekookt.

Le chou.
Dit is een variant op de chouquettes. De soesjes zijn gevuld met banketbakkersroom of slagroom. Bijna niet te weerstaan!

L’Éclair.
Een langwerpig gebakje, gemaakt van soezendeeg, met bovenop vind je chocolade- of karamelglazuur. Binnenin is de éclair gevuld met banketbakkersroom in verschillende smaken. Zo kun je kiezen uit vanille, koffie of chocolade. Andere zijn gevuld met fruitmousse of slagroom.
En wist je dat vroeger dit gebakje ‘Petite Duchesse’ werd genoemd?

Le Millefeuille.
Op het eerste gezicht lijkt de Millefeuille op onze tompouce, maar dat is het niet. De naam geeft het al een beetje weg: dit gebakje bestaat uit drie (nee, geen duizend) laagjes bladerdeeg waartussen banketbakkersroom zit in smaken als kokos, praliné, mokka, caramel, amandel of vanille. Bovenop zit glazuur.

Les Canelés.
Een gebakje dat ooit in de 18e eeuw werd gemaakt door nonnen. Het is een cakeje van deeg met rum- en vanillesmaak, bedekt met een gekarameliseerde korst.

Le Saint Honoré.
Saint Honoré is de patroonheilige van bakkers, maar daar is dit gebakje niet naar vernoemd. Degene die het uitvond woonde toevallig in de Rue Saint Honoré. De Saint Honoré heeft een bladerdeegbodem met daarop slagroom. Daarop worden soesjes met banketbakkersroom met karamel gestapeld.

La Tarte tartin.
Nog zo’n klassieker: de Franse appeltaart. Het is een regionaal recept dat beroemd is geworden door de gezusters Tatin, die een herberg uitbaatten.

La Tropézienne.
Alle Fransen kennen dit gebak. In de jaren 50 was de bakker Alexandre Micka cateraar voor de acteurs van de film ‘Et Dieu créa la femme’, die in Saint-Tropez werd opgenomen. Toen hij deze taart voor de filmploeg maakte, had die nog geen naam. Brigitte Bardot vroeg Alexandre een naam voor de taart te vinden. Dat werd La (tarte) Tropézienne. De taart bestaat uit twee zoete broodjes die in het midden worden samengevoegd door een subtiel mengsel van banketbakkersroom en botercrème.

Nieuws:

Nieuwsbrief